24 februari boekpresentatie Hugo de Groot Pad

Boekhandel Livius de Zevensprong in Tilburg organiseert zaterdagmiddag 24 februari een presentatie van het Hugo de Groot Pad. De bedenker van het pad Frans Godfroy zal een lezing houden over het pad en het boek. Het Hugo de Groot Pad vindt zijn oorsprong in het Marikenpad, waarop Hugo de Groot al als een van de ‘roemruchte reizigers’ voorkwam.

Aansluitend aan de lezing wordt het glas geheven en kan het boek worden aangeschaft en gesigneerd. De toegang is vrij. Wel het verzoek om zich van tevoren hier aan te melden.
Het programma begint om 17:00 uur.
Adres: Boekhandel Livius de Zevensprong, Nieuwlandstraat 27, 5038 SL Tilburg.

Nu ook op de racefiets over het Marikenpad

Goed nieuws voor sportfietsers: het Marikenpad kan voortaan helemaal op de racefiets worden afgelegd. Er is een snelle fietsvariant over uitsluitend verharde wegen uitgezet. Soms via historische wegen die minder aantrekkelijk zijn voor wandelaars en toerfietsers maar wel zeer geschikt voor sportfietsers. Soms via kleine omleidingen die nooit ver van de historische hoofdroute verwijderd zijn.

 

Tot nu toe konden wielrenners tussen Nijmegen en ‘s-Hertogenbosch al prima uit de voeten over de doorgaans uitstekende fietspaden langs N324 en de A59. Maar vanaf ‘s-Hertogenbosch waren de onverharde delen van het pad niet meer te vermijden: voor de meeste racefietsers geen optie. Van Loveren naar Baarlebrug, van Hoogstraten naar Sint-Lenaarts en van Sint-Job-in-‘t-Goor naar Antwerpen bood het Marikenpad weliswaar geschikte trajecten voor racers, maar die waren niet via verharde wegen met elkaar verbonden.

Met behulp van beperkte omleidingen zijn die stukken nu samengevoegd tot een aaneengesloten racefietsroute van Nijmegen naar Antwerpen. Die blijft altijd dicht bij het historische pad.

 

GPS en kaarten

Net als toerfietsers en wandelaars kunnen ook racefietsers hun versie van het Marikenpad downloaden in de vorm van GPS-data (voor GPS-apparaten en smartphones) en kaarten. Men kan kiezen tussen de acht afzonderlijke etappes en het overzicht van de complete route (147 km).

 

Sportfietsers worden uitgenodigd dit nieuwe Marikenpad voor racefietsen te testen en hun reacties te melden. We benutten de suggesties graag voor verbeteringen en verduidelijkingen.

 

Ga naar de etappes voor meer. Kies op de afzonderlijke etappepagina’s voor ‘Snelle fietsroute’.

2018: Marikenjaar

Het komend jaar staat in het teken van Mariken van Nieumeghen. Een initiatiefgroep in Nijmegen heeft 2018 uitgeroepen als Marikenjaar omdat 500 jaar geleden de oudst bekende druk van het boek in Antwerpen verscheen. Ook het Marikenpad zal bijdragen aan het evenement.

 

In Nijmegen is de week van 27 mei tot 3 juni helemaal aan Mariken gewijd. De week wordt geopend met de Marikenprocessie door de stad. Verder staan gedichtenvoordrachten, een leesmarathon, schrijfworkshops, muzikale optredens, vertellingen en lezingen op het programma. Ook het Marikenpad zal een presentatie verzorgen.

 

In het najaar wordt een poëziefestival georganiseerd met de titel ‘Ghehoort ende Verstaen’. Er zal een gedichtenbundel rond het Mariken-thema worden gepresenteerd, waaraan bekende dichters en minder bekend talent zullen bijdragen. Teksten worden op muziek  gezet en ten gehore gebracht. In ‘s-Hertogenbosch en Antwerpen, de twee belangrijkste andere steden uit het Marikenverhaal, zullen eveneens voordrachten worden gehouden.

 

Wielervariant Marikenpad

De historische verbinding tussen Nijmegen en Antwerpen staat centraal in een bijzonder plan dat het Marikenpad momenteel als bijdrage aan het Marikenjaar uitwerkt. Een tip van de sluier kan nu al worden opgelicht. Binnenkort zal het Marikenpad worden verrijkt met een routevariant voor racefietsen.

 

De kenners van het pad weten, dat een deel van het huidige pad ongeschikt is voor smalle bandjes. Daar staan enkele historische stukken tegenover die juist voor wandelaars en toeristische fietsers minder aantrekkelijk zijn. Daaraan is, zoals bekend, tegemoetgekomen met alternatieve historische tracés, en waar het niet anders kan met omleidingen. Je komt ze tegen in de etappes tussen Nijmegen en ‘s-Hertogenbosch en in enkele routedelen tussen Baarle-Nassau/Hertog en Sint-Lenaarts.

Maar voor racefietsen blijken vrijwel al deze ‘moeilijke’ trajecten juist uitermate geschikt. De meeste daarvan zijn dan ook opgenomen als ‘snelle fietsroute’. Met behulp van enkele extra omleidingen op stukken waar geen verharde ‘historische’ route voorhanden is, hebben we straks een verantwoorde variant van het Marikenpad voor racefietsen. Deze zal net als het pad voor wandelaars en toerfietsers grotendeels het historische tracé volgen.

 

In het Marikenjaar zullen we Mariken en Moenen dus ook op smalle bandjes kunnen nareizen.

Let op de nadere aankondigingen.

 

Ga voor meer informatie over het Marikenjaar naar www.wijzijnmariken.nl.

Hugo de Groot Pad nu als boek verkrijgbaar

De gedrukte uitgave van het Hugo de Groot Pad ligt in de boekwinkel. Het pad, dat zijn oorsprong vindt in het Marikenpad, voert fietsers en wandelaars over De Groots historische vluchtroute van Loevestein naar Antwerpen.

 

Hugo de Groot kon al worden gevolgd als een van de ‘roemruchte reizigers’ op het Marikenpad. Door het eerste deel van zijn beroemde vlucht aan zijn reis over het Marikenpad toe te voegen is onlangs de hele route gereconstrueerd.

Op de website van het Hugo de Groot Pad is gedetailleerde informatie te vinden. Het pad bestaat uit zeven etappes, waarvan de laatste drie nagenoeg samenvallen met de slotetappes van het Marikenpad.

Het rijk geïllustreerde boek is te gebruiken als routewijzer. Daarnaast vindt men er het complete verhaal van de vlucht, aangevuld met tal van historische achtergronden.

Het boek is voor 15 euro in de winkel en online verkrijgbaar.

 

Nieuwsbrief

Historische nieuwtjes over Hugo de Groot zullen ook in toekomst in de nieuwsberichtenrubriek van het Marikenpad worden opgenomen. Maar wie specifiek over alle ins en outs van het Hugo de Groot Pad geïnformeerd wil blijven, verwijzen we graag naar www.hugodegrootpad.nl, waar men zich op een aparte nieuwsbrief kan abonneren.

Hanzeroute zette Brabantse dorpen op de kaart

Ver voor de Hollandse Gouden Eeuw kwamen de Zuidelijke Nederlanden al tot bloei. Een vooraanstaande rol daarin speelde de Hanze. Die bracht niet alleen IJsselsteden als Kampen en Deventer in de late Middeleeuwen welvaart en roem. Veel minder bekend is dat ze ook het Brabantse platteland internationaal op de kaart zette. Het Marikenpad maakte al in de 14e eeuw deel uit van de Hanzeroute van Lübeck naar Brugge, zo wijst onderzoek uit.

 

Transport over de weg. Schilderij door Jan Brueghel de Oude.
Transport over de weg. Schilderij door Jan Brueghel de Oude.

Aangevoerd door het Noord-Duitse Lübeck bood de Hanze een stevige bescherming van de handelsbelangen van de aangesloten Duitse steden. Ook steden in het oosten van de Lage Landen aan de Zuiderzee en de grote rivieren waren lid van het verbond: Roermond, Venlo, Nijmegen, Arnhem, Deventer, Zwolle, Kampen, Harderwijk, Elburg, Stavoren. De meest westelijk gelegen Hanzestad was Tiel.

In de 14e eeuw werd naast de handel over het water de handel via de weg een aantrekkelijk alternatief. De vooraanstaande economische positie van het Vlaamse Brugge was daarin een aanjagende factor. De Hanze had er een Kontor gevestigd, dat de belangen en privileges van de Hanzesteden in Vlaanderen en omstreken behartigde. Brugge was weliswaar over zee bereikbaar, maar vanuit veel Duitse Hanzesteden was het een mijl op zeven. Als de aard en omvang van de lading het toeliet, was het vaak sneller en goedkoper om met wagens de Rijn en de Maas over te steken en via de Meierij en de Kempen naar Brugge te reizen.

 

‘Flämische Straße’

De hoofdroute vanuit Hanzehoofdstad Lübeck liep via Hamburg, Bremen, Nordhorn, Deventer, Arnhem en Nijmegen naar Brabant, en werd aangeduid als de Flämische Straße. Wegen uit Midden-Duitsland sloten in Oldenzaal en Deventer op dezelfde route aan. Door Brabant ging het over de route die wij nu kennen als het Marikenpad naar Antwerpen en vandaar via Eekloo naar Brugge.

Beschrijvingen van de route zijn nog altijd te vinden in de archieven van de Hanze in Lübeck. Zo weten we veel over de Flämische Straße door verslagen van de Lübecker burgemeester Jordan Pleskow, die eind 14e, begin 15e eeuw diverse handelsmissies naar Brugge ondernam.

 

Voor de Brabantse dorpen en steden die werden aangedaan bracht de handel weinig rechtstreekse voordelen met zich mee, aangezien de goederen contractueel via de markt van Brugge, en later via die van Antwerpen werden verhandeld. Maar indirect had menig Brabander er goede verdiensten aan. De verkeersader leverde werk op voor wagenmakers, herbergiers, stalhouders, wegwerkers en voerlieden. Ook de hogere en lagere overheden hadden inkomsten uit heffingen voor onderhoud, beveiliging (geleidebrieven) en tollen.

 

De plaatsen waar de handelsroute doorheen liep lieten hun economie deels op die verdiensten draaien. Dat gold niet alleen voor de ommuurde en aan bevaarbare waterwegen gelegen steden Nijmegen, Grave en ‘s-Hertogenbosch. Ook dorpen op de hogere zandgronden als Heesch, Helvoirt, Oisterwijk, Tilburg, Baarle/Loveren, Hoogstraten en Sint-Lenaarts verdienden aan de Hanzeroute en stonden er internationaal door op de kaart.

Omgekeerd wisten de bewoners van deze plaatsen door het veelvuldige contact met al die vreemdelingen heel goed wat er elders in de wereld te koop was.

 

In de 16e eeuw kwam aan dit gouden Hanze-tijdperk een eind. De Tachtigjarige Oorlog werd voor een groot deel over de rug van de Brabantse plattelanders uitgevochten. Vernietigde oogsten, platgebrande boerderijen en dorpen, massale roof, moord en doodslag dompelden hen in ellende en armoede.

Na de Vrede van Münster in 1648 kon men weer enigszins opgelucht ademhalen, maar de oude Hanzeroute lag er voortaan verlaten bij. De economische macht van Brugge en Antwerpen was gebroken en het noordelijke deel van Brabant was als wingewest bij de Republiek gevoegd. Ook de Hanze was uitgespeeld. Centrum van de economische macht was nu Holland, waar de Gouden Eeuw volop aan de gang was.

Dürer ontbeet niet in Brecht maar in De Horst

Eenmaal gelanceerd zijn sommige fouten bijna niet meer terug te draaien. Auteurs kunnen maar moeilijk de verleiding weerstaan om dubieuze bronnen klakkeloos over te nemen, vooral als men geen andere onderzoeksresultaten bij de hand heeft. Zo verspreiden misvattingen zich als inktvlekken.

 

De wijdverbreide opvatting dat Albrecht Dürer – een van de ‘roemruchte reizigers’ op het Marikenpad – in 1520 via Brecht naar Antwerpen reisde, is daar een voorbeeld van. Het is een almaar doorgekopieerde bizarre uitleg van enkele onbegrepen woorden in Dürers dagboek van zijn reis door de Nederlanden, die overduidelijk voortkomt uit een gebrek aan historisch-topografische kennis van de Belgische Kempen.

 

De aanduiding van Nederlandse en Vlaamse plaatsnamen in Dürers dagboek is opmerkelijk. Hij nam de spelling niet over van een landkaart of van wegwijzers, die waarschijnlijk geen rol speelden, maar gaf weer wat hij meende te horen. Antwerpen heette Antorff, Bommel heette Pommel, ‘s-Hertogenbosch heette Herzog Pusch of kortweg Pusch, Oosterwijk heette Östrich en Tilburg heette Tilwerg. Deze min of meer fonetische spelling van plaatsnamen is voer voor linguïsten. Zij kunnen de tanden stukbijten op bijvoorbeeld de vraag of de spelling Pusch erop wijst dat de B in het toenmalige Brabant scherper dan tegenwoordig werd uitgesproken, of dat in Dürers eigen Neurenbergse dialect de P juist zachter klonk.

 

In de diverse uitgaven van het dagboek wordt verschillend met de aanduiding van plaatsnamen omgesprongen. Zo worden in de negentiende-eeuwse Duitse editie van Friedrich Leitschuh, die dicht bij de oorspronkelijke tekst blijft, de namen weergegeven zoals Dürer ze opschreef; in noten wordt vervolgens een vertaling naar de eigentijdse schrijfwijze gegeven.

In anderstalige uitgaven van het dagboek wordt doorgaans afgezien van de oorspronkelijke spelling van Dürer; men gebruikt de eigentijdse plaatsnamen. Dat lijkt een eenvoudige oplossing, maar toch kan het fout gaan.

 

Over het traject Baarle-Antwerpen lezen we in de oorspronkelijke tekst: ‘Darnach kamen wir gen Barell, lagen übernacht und verzehrt do 5 stüber. Und die gesellen wurden mit dem wirth uneins, und wir fuhren bey der nacht bis gen Hochstrat, do sassen wir zwo stund und fuhren darnach gen Harscht für S. Leohnhartkirchen, do assen wir zu morgens und verzehrt jjjj stüber.’ Leitschuh vertaalde de plaatsnamen in deze passage keurig op één na: Harscht. Ook hij wist in zijn Duitse editie van 1884 al geen raad met deze aanduiding. 

In een franstalige editie van J.A. Goris en Georges Marlier uit 1937 ontspoort het pas echt goed. De vertaling luidt nu: ‘Nous y restâmes deux heures et nous alâmes par Brecht à Saint Léonard.’ Hoewel de uitgave rijk is voorzien van kanttekeningen, stappen de auteurs zonder uitleg over deze merkwaardige interpretatie heen. En het kan niet uitblijven: andere uitgaven nemen het – eveneens zonder bronvermelding – over. In de Nederlandse editie door P.T.A. Swillens van 1942 wordt Harscht als enige plaatsnaam onvertaald weergegeven. In een voetnoot houdt Swillens nog wel een slag om de arm, maar hij papegaait na: ‘Een dorp van dien naam is onbekend. Wellicht is Brecht bedoeld.’

 

Aangezien het dagboek een belangrijke bron is bij de reconstructie van de oude route tussen ‘s-Hertogenbosch en Antwerpen, duikt Brecht sindsdien ook van tijd tot tijd op in heemkundige teksten die gaan over de historische route ‘van Hoogstraten via Brecht naar Antwerpen’. Maar het raakt kant noch wal. Afgezien van het gebrek aan enige naamsverwantschap tussen ‘Harscht’ en ‘Brecht’ blijkt de uitleg ook absurd voor wie de kaart bestudeert. Ben je vanuit Hoogstraten op weg naar Antwerpen in Sint Lenaarts aangekomen, dan heeft het geen enkele zin om eerst rechtsaf te slaan naar Brecht, terwijl er sinds mensenheugenis via De Locht een nagenoeg rechte weg, de Tilburgbaan, richting Schoten, Merksem en Antwerpen loopt.

 

Bedevaartsvaantje van De Horst.

De voetnoot van Swillens getuigt dan ook van gebrek aan elementaire topografische kennis van de regio. Een dorp van de naam Harscht is wel degelijk bekend, al was het in 1942 een onopvallend gehucht nabij Schoten. Het heet tegenwoordige Horst. Op oude kaarten vinden we de namen Hoorst, Den Horst, Op den Horst en Op ’t Horsten.

Aan het ooit vermaarde bedevaartsoord herinneren nu alleen de Mariakapel uit 1436 en een straatnaam. Eeuwenlang was de Mariakapel een trekpleister voor bedevaartgangers die er dankzij een pauselijke bul op de feestdag van Onze lieve Vrouw Geboorte (8 september) en gedurende het aansluitende octaaf aflaten hoopten te verdienen. Maar ook door het jaar heen was De Horst een drukke pleisterplaats, waarmee niet alleen de kapelaan maar ook twee herbergen annex brouwerij/bordeel de kost verdienden.

 

Over de herkomst van de foute uitleg hebben we intussen een vermoeden. Waarschijnlijk was de Mechelse letterkundige Robert Foncke verantwoordelijk voor het maken van de inktvlek, die vervolgens door anderen werd uitgewreven. Hij besteedde in 1931 in het tijdschrift van de Vlaamse Toponymische Vereeniging aandacht aan de Nederlandse en Vlaamse plaatsnamen in het dagboek van Dürer. Bij Harscht schrijft hij: ‘Waarschijnlijk een vergissing voor Brecht, daar de ganse vermelding luidt: gen Harscht fur S. Leohnhartskirchen, i.e. naar Harscht langs de St. Lenaartskerk voorbij.’

Of Foncke echt de aanstichter van de verwarring is weten we niet helemaal zeker, want misschien kopieerde ook hij andermans fouten zonder bronvermelding.

13 november 2017
marikenpad2
Uncategorized
2 Reacties

Omleiding voor Antwerpen flink bekort

De omleiding bij binnenkomst van Antwerpen vanaf de Bredabaan is aanzienlijk korter geworden. De doorsteek die via de nieuwe loop- en fietsbrug is gemaakt is nog wel provisorisch. Op de website zijn de kaartjes aangepast aan de nieuwe tijdelijke situatie.

 

Nog altijd werkt de gemeente Antwerpen rond de voormalige IJzerlaanbrug aan een grootscheepse herstructuring. In de voorbije periode konden wandelaars en fietsers niet anders dan via een omleiding van ongeveer een kilometer over de IJzerlaan het Marikenpad volgen. Nu is vanaf de nieuwe loop- en fietsbrug over het Albert Kanaal een min of meer rechtstreekse doorsteek gemaakt naar de Samberstraat. Die verkorte route is nog wel provisorisch.

Ook de toegang tot de loop-/fietsbrug is nog niet af. De oprit is een voorlopige voorziening van steigermateriaal.

De definitieve route zal iets anders lopen dan nu, al komt de huidige noodoplossing aardig in de buurt. We houden de situatie in de gaten. Als de definitieve route klaar is zullen we daar melding van maken.